Je zit in een vergadering, je onderbuik trekt samen alsof iemand hem uitwringt, en je knikt gewoon door alsof er niets aan de hand is. Herkenbaar? Uit vers onderzoek van CBS en TNO blijkt dat je daarin lang niet alleen staat. Een derde van de vrouwen met hormonale klachten houdt die op het werk verborgen, vaker dan bij andere gezondheidsklachten. En dat terwijl bijna 80 procent van de vrouwelijke werknemers er regelmatig last van heeft.
Een derde houdt het gewoon voor zich
Het cijfer komt uit een vervolgmeting van de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden, uitgevoerd door CBS en TNO. Van de 3.787 werknemers die meededen, gaf 80 procent van de vrouwen aan soms of regelmatig hormonale klachten te hebben die samenhangen met menstruatie, zwangerschap of de overgang. Slechts 20 procent zegt er nooit last van te hebben.
Van de vrouwen met klachten verzwijgt 35 procent die op het werk. Bij andere gezondheidsklachten, bij zowel mannen als vrouwen, ligt dat percentage op 24 procent. Wie er wel over praat, doet dat meestal met een directe collega. Slechts 12 procent bespreekt het met een leidinggevende en amper 2 procent met de bedrijfsarts.
Waarom je liever zwijgt dan het bespreekt
De verklaring zit vooral in angst voor een oordeel. Vrouwen met hormonale klachten vrezen dat collega's denken dat ze minder kunnen, of dat ze een menstruatiekramp als excuus gebruiken om onder werk uit te komen. Onderzoeker Karen Oude Hengel van TNO noemt dat werkgevers en leidinggevenden vaak simpelweg niet weten hoe ze het gesprek moeten beginnen, laat staan dat ze weten wat er precies speelt in elke fase van je leven.
Het gevolg is een vicieuze cirkel. Je zwijgt, dus je leidinggevende ziet geen aanleiding om te vragen wat je nodig hebt, dus je blijft zwijgen. Bijna 1 op de 10 vrouwen die er met niemand op het werk over praat, geeft aan daar juist wél behoefte aan te hebben. Dat is geen klein groepje als je het uitrekent over de 3,2 miljoen vrouwelijke werknemers in Nederland. Bovendien zijn vrouwen met hormonale klachten juist voorzichtiger over wie ze wel in vertrouwen nemen dan werknemers met andere gezondheidsklachten: 41 tegenover 35 procent kiest bewust wie het wel of niet mag weten.
Het gaat niet alleen om de overgang
Praat je over hormonale klachten, dan denken de meesten meteen aan opvliegers tijdens de overgang. Maar het speelt in elke levensfase. Menstruatiepijn die je dubbel doet buigen, zwangerschapsmisselijkheid die je aan je bureau probeert weg te slikken, of hersenmist rond de overgang waardoor je halverwege een zin vergeet waar je was. Je huisarts neemt menstruatiepijn inmiddels serieuzer dan een paar jaar geleden, maar op de werkvloer loopt dat gesprek nog achter. Hetzelfde geldt voor hersenmist tijdens de overgang, een klacht die je manager nooit als zodanig herkent.
Ook klachten die je liever niet hardop noemt spelen mee. Denk aan bekkenbodemklachten na een bevalling, waardoor een lange vergadering zonder toiletpauze ineens een probleem wordt. Al die dingen vallen onder dezelfde noemer: gezondheidsklachten die aan je lichaam als vrouw vastzitten, en die je op kantoor het liefst onzichtbaar houdt.
Gemeenten pakken het nu op, de rest volgt nog niet
Er beweegt wel iets. A&O fonds Gemeenten, dat verzuim en werkgeverschap binnen gemeentelijke organisaties onderzoekt, bracht onlangs zes levensfasen van de werkende vrouw in kaart, van de vruchtbaarheidsfase tot de overgang. Uit de Personeelsmonitor Gemeenten 2025 blijkt dat verzuim onder vrouwen in die sector structureel hoger ligt dan onder mannen: 8,6 tegenover 6 procent. Landelijk is het verschil nog groter bij dertigers: vrouwen tussen de 31 en 40 hebben tweeënhalf keer meer kans op langdurig verzuim dan mannen in dezelfde leeftijdsgroep.
Directeur Jeroen van Gool benadrukt dat er geen bewezen oorzakelijk verband ligt tussen die cijfers en hormonale klachten, simpelweg omdat er nog te weinig onderzoek naar is gedaan. Maar hij vindt dat geen reden om te wachten: organisaties moeten het gesprek aangaan voordat de cijfers dat voor ze doen.
Dit verandert er pas als jij het ook zegt
Een enquête verandert niets aan hoe jij je morgen voelt tijdens die vergadering. Wat wel helpt: benoem het gewoon, ook al voelt dat ongemakkelijk. Tegen een collega, of als je durft tegen je leidinggevende. Meer dan de helft van alle werknemers, mannen én vrouwen, vindt dat leidinggevenden bewuster moeten worden van hormonale klachten. Die bewustwording begint niet bij HR-beleid, maar bij het simpele feit dat iemand het hardop zegt in plaats van het weg te slikken.
Je hoeft er geen medisch dossier bij te leveren. "Ik heb vandaag last van menstruatiepijn en werk daarom liever rustig door" is genoeg. Hoe vaker dat normaal klinkt, hoe minder je straks nog hoeft te doen alsof er niets aan de hand is.
Concreet kun je zelf al een aantal dingen doen zonder op nieuw beleid te wachten:
- Noem het kort en zakelijk bij een collega of leidinggevende, zonder je ervoor te verontschuldigen.
- Vraag naar bestaande regelingen, zoals flexibele werktijden of thuiswerken op zware dagen. Veel organisaties hebben die al, ze worden alleen niet actief aangeboden.
- Zoek een collega met wie je het wel bespreekbaar maakt, zodat je niet iedere keer opnieuw hoeft uit te leggen waarom je een dagje minder scherp bent.
- Meld het bij de bedrijfsarts als de klachten je functioneren structureel beïnvloeden. Nu doet slechts 2 procent dat, terwijl die juist voor dit soort gesprekken bedoeld is.